Read Microsoft Word - rapport-aan-kr.doc text version

Gebed en Zalving

Rapport over ziekenzalving

1

Dit rapport wordt door de studiegroep gepresenteerd aan de kerkenraad van de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt te Krimpen aan den IJssel. De studiegroep ziekenzalving bestaat uit: Janneke en Nico Bakker Floor Brouwer Johan en Ineke van Dongen Lonneke Hagestein Catlien de Putter Een gewaardeerde bijdrage is geleverd door: Anja Alkema Dieneke van Stenis Luuk de Wilde Krimpen aan den IJssel Eerste versie: mei 2008 Tweede - aangepaste - versie: januari 2009

Inhoud

1. Inleiding .................................................................................. 3

2. Wat zegt de bijbel over ziekenzalving............................................

4

3. Historisch overzicht ....................................................................

9

4. Ziekte en genezing in onze tijd ......................................................

11

5. Conclusies en aanbeveling... .......................................................

13

6. Ziekenzalving in de praktijk ..........................................................

14

7. Plan van aanpak ........................................................................

2

15

1.

Inleiding

1.1 Aanleiding In januari / februari 2004 houdt Ds. J.B. de Rijke een prekenserie over gebed en zalving, n.a.v. de tekst in Jacobus 5. De prekenserie wordt afgesloten met een preekbespreking op een gemeentevergadering op de zondagavond van de laatste preek over dit onderwerp. Tijdens deze gemeenteavond blijkt dat gebedsgenezing en ziekenzalving onderwerpen zijn die bij veel gemeenteleden leven. Eind 2006 is er binnen de gemeente een zieke zuster die om ziekenzalving vraagt. Zij is ervan overtuigd geraakt dat ziekenzalving een plek in de gemeente mag hebben. Zij richt zich met dit verzoek tot haar predikant en tot twee gemeenteleden. Samen met haar besluiten we een studiegroep te vormen binnen de Gereformeerde Kerk vrijgemaakt te Krimpen a/d IJssel. In februari 2007 is de studiegroep ziekenzalving van start gegaan met het doel duidelijk te krijgen of er voor `ziekenzalving' volgens Jacobus 5 ruimte dient te zijn in de gemeente. 1.2 Verantwoording Om die vraag te kunnen beantwoorden zijn diverse bronnen bestudeerd: `Meer dan genoeg', hoofdstuk 7 `Wie kan genezen als Hij?' ds. K. de Vries en ds. J. van Benthem `Ziekenzalving en genezing', drs. M.W. Sebens, minicollege op Schooldag 2006 `Ziekenzalving en vergeving', drs.M.W. Sebens, minicollege op Schooldag 2007 `Ziekenzalving', ds. A.S. van der Lugt en D. Mul (voorbereiding gemeentevergadering GKv Rotterdam Stad) `Ziekenzalving', C. van der Kooi en M.A. Th. Van der Kooi-Dijkstra -`Vergeving en genezing', dr. M.J. Paul 3 preken van ds. J.B. de Rijke (4, 11 en 25 januari 2004) over dit onderwerp 2 preken van ds. Jos Douma (`Vertrouwd met ziekte' en `Gebed en zalving voor zieken') Gebed en zalving voor zieken, een handreiking voor de praktijk, van ds. Jos Douma Pastoraat en gebed voor zieken in de gemeente, pastoraal beleid rond ziekte in de Fonteinkerk, van ds. Jos Douma `Ziekenzalving opnieuw geboden?', M.C. Mulder in Nader Bekeken van mrt 2003 `Voorbede en schuldbelijdenis' en `Gebed en zalving', ds. P. Niemeijer in Nader Bekeken van september resp. oktober 2006. Deze publicaties of samenvattingen ervan staan op de site: www.pinxit.nl/ziekenzalving. In totaal is de werkgroep ziekenzalving 9 keer bijeengekomen. Op alle bijeenkomsten zijn de Bijbel en bovengenoemde bronnen bestudeerd en besproeken. Van deze bijeenkomsten zijn de verslagen eveneens te lezen op de genoemde website.

3

2.

Wat zegt de Bijbel over ziekenzalving?

1

2.1 Ziekte en genezing in het Oude Testament Gezondheid en ziekte komen van God. Dat leren we al in het O.T. (Ex. 15:26; Deut. 32:39; Job. 2:10). Ook komen `wonderlijke' genezingen voor: het opzien naar de koperen slang geneest slangenbeten (Num. 21), Naäman wordt genezen en dat niet vanwege zijn geloof (2 Kon. 5) en de vrome koning Hizkia wordt ernstig ziek, maar krijgt na zijn vurige gebed 15 jaar levensverlenging (2 Kon. 20). Onvruchtbare vrouwen krijgen een kind (bv. Hanna, 1 Sam. 1:19), doden worden opgewekt, zoals de zoon van de weduwe van Sarfat (1 Kon. 17) en de zoon van de Sunamietische (2 Kon. 4). Zo zijn er meer voorbeelden te noemen. Op veel plaatsen belooft de Heer gezondheid als zijn kinderen zijn wegen gaan (b.v. Ex. 23:25, 26). "Ik de Heer ben het die jullie geneest" (Ex. 15:26). Omgekeerd komt ziekte vooral voor als de straf op de afval van de levende God (zie b.v. Lev. 14:14-16; Deut. 28:21, 22). God straft zonden door ziekten, maar Hij is ook de 2 Grote Heelmeester die zijn volk bewaart voor ziekten en die herstelt. 2.2 Ziekte en genezing in het Nieuwe Testament In het N.T. wordt veel over ziekte en genezing gesproken. De Heer Jezus heeft talloze mensen genezen (Mat. 14:14). Soms kan Jezus vanwege het ongeloof (Nazaret, Marc. 6:5,6) geen (andere) wonderen verrichten, maar geneest Hij wel zieken. Soms gebeurt dat niet en soms wordt er maar één van de vele zieken genezen (Joh. 5:1-13). Genezingen gebeuren op Gods tijd (Hand. 3:1-11). Kenmerkend bij de genezingen van Jezus is: ze gebeuren spontaan (b.v. Mat. 9:27), onmiddellijk en volledig, soms op afstand (Luc. 7:10; Mat. 15:28), zonder ophef of reclame (soms wordt zelfs verboden het bekend te maken, Mat. 9:30; 12:16). De genezingen zijn zo overtuigend dat zelfs tegenstanders ze erkennen (Joh. 11:47-49). Ook in Handelingen komen veel genezingen en andere wonderen voor (Hand. 4:29-33, 5:12, 2 Kor. 12:17). De komst en de prediking van het evangelie werd begeleid door tekenen en wonderen (Marc. 16:15-18). Tekenen van het komende koninkrijk en van een wereld zonder zonde en de gevolgen ervan. Heil, heling voor de totale mens: ziel, psyche en lichaam! Het valt op dat de apostelen niet altijd konden of mochten genezen; denk aan Paulus met zijn `doorn in het vlees' (2 Kor. 12:7-9: "Je hebt niet meer dan mijn genade nodig..."), aan Timoteus ("doe er...wat wijn bij", 1 Tim. 5:23) en aan Trofimus die ziek achterbleef (2 Tim. 4:20). Gezondheid is een groot goed, maar niet het hóógste goed! Dat is de relatie met 4 God. Er komen in de wereld veel `wonderlijke' genezingen voor. Maar ook wanneer genezingen echt zijn, bewijst dat nog niet dat ze op een voor God verantwoorde manier tot stand zijn gekomen. Welke methode wordt gehanteerd en uit welke bron komen ze voort? Ook Jomanda verrichtte `wonderen'.....! Niet de ervaring van de genezing, maar Gods Woord moet het uitgangspunt voor ons handelen zijn.

4

3

Denk aan de waarschuwingen van Christus en de apostelen. Mat. 7:22, 23: "Heer, Heer, hebben wij niet in uw naam geprofeteerd, ....demonen uitgedreven, en......vele wonderen verricht in uw naam? En dan zal Ik hun rechtuit zeggen: Ik heb jullie nooit gekend. Weg met jullie, wetsverkrachters!" (Zie ook 2 Tess. 2:9, 2 Tim. 4:3-5). 2.3 Ziekenzalving in het Nieuwe Testament Op twee plaatsen in het Nieuwe Testament wordt over ziekenzalving gesproken namelijk in Marcus 6:7-13, waar we kort op ingaan, en in Jakobus 5:13-16, dat uitvoeriger de aandacht zal hebben. In Marcus 6:7-13 stuurt Jezus de twaalf leerlingen op pad om het goede nieuws te gaan verkondigen. Overeenkomstig zijn instructies gingen ze ­ vers 12 en 13 ­"op weg en maakten het goede nieuws bekend om de mensen tot inkeer te brengen, en ze dreven veel demonen uit en zalfden veel zieken en genazen hen." Het evangelie van Marcus is geschreven tegen de toenmalige joodse achtergrond, waarin ziekte gezien werd als het gevolg van de verstoring van de scheppingsorde. De wereld is onderworpen aan zonde en duivelse machten. Tegen deze achtergrond staat de presentatie van de evangeliën dat Jezus de uiteindelijke en hoogste Genezer is. Een paar punten die in dit Bijbelgedeelte opvallen: De discipelen mogen doen wat ook Jezus deed: berouw en vergeving preken, genezen, geesten uitwerpen. Ze zijn dus niet alleen de boodschappers van het goede nieuws, maar ze dragen als Christus' vertegenwoordigers de volle autoriteit van hun Zender. Als men hen verwerpt, verwerpen ze Hem. We lezen nergens dat Jezus olie gebruikt bij genezingen, noch aan de leerlingen de opdracht tot zalven geeft; niettemin zalven de leerlingen wel. Het `stof van je voeten schudden' (vers 11) heeft een symbolische betekenis; zo zal ook het `zalven' (vers 13) een symbolische betekenis hebben. Er is hier sprake van (ook) lichamelijke genezingen na zalving en niet (alleen) van `geestelijke genezing' of van zalving als voorbereiding op de dood (zoals dat in Jak. 5:14 wel is verondersteld) 5 De aanwijzing ontbreekt hier dat zalving een blijvende opdracht van de kerk is. Jakobus 5:14-16 is een kerntekst als het gaat over gebedsgenezing en zalving. Van belang is om bij het lezen daarvan het hele Bijbelboek en met name ook de rest van hoofdstuk 5 daarbij te betrekken. Wat valt dan op? In Jakobus 5 worden praktische aansporingen gegeven in het licht van de wederkomst van Christus, die komt als Rechter. In vers 1 - 6 staat een weeklacht over de goddeloze rijken, die vertrouwen op hun - via kromme wegen bijeengebrachte - rijkdom hoewel de tijd ten einde loopt (vers 3). De verzen 7-11 roepen op geduld te hebben tot de Heer komt (vers 7), goede moed te houden zoals de boer die op zijn oogst wacht, want de Heer zal spoedig komen (vers 8) en niet over elkaar te klagen omdat we daardoor het oordeel over ons afroepen. Bedenk dat de rechter voor de deur staat. (vers 9). Als dan vers 12 - 20 begint met: `Maar bovenal broeders.......'. dienen we toch ook 6 de rest van Jakobus 5 te lezen in het licht van de wederkomst? Opmerkelijk is ook de samenhang en het verschil in de verzen 13 en 14:

5

Vers 13: Heeft iemand onder u het moeilijk (door welke externe oorzaak dan ook)? Laat hij (zelf actief) bidden! Is hij vrolijk (om b.v. voorspoed)? Laat hij (zelf actief voor de Heer) een loflied zingen! Vers 14: Is iemand ziek? Ziekte is heel persoonlijk en grijpt diep in iemands leven in. Maar toch zou je na het voorgaande verwachten dat er zou volgen: laat hij (zelf actief) bidden? Maar er staat dat hij anderen, namelijk de oudsten (meervoud) van de gemeente, bij zich moet roepen om voor hem te bidden en hem te zalven in de naam van de Heer. Deze oproep zal wel niet voor elke ongesteldheid gelden. Kennelijk is hier sprake van een bijzondere omstandigheid of ernstige ziekte! 2.3.1. Verschillende vertalingen van Jakobus 5:14-16 7 De vele vertalingen van deze verzen komen vergaand overeen, maar er zijn ook verschillen. We noteren hier de NBG 1951 en de NBV, met daarin vetgedrukt de woorden die uitleg nodig hebben. Nederlands Bijbelgenootschap (1951): 14 Is er iemand bij u ziek? Laat hij dan de oudsten der gemeente tot zich roepen, opdat zij over hem een gebed uitspreken en hem met olie zalven in de naam des Heren. 15 En het gelovige gebed zal de lijder gezond maken, en de Here zal hem oprichten. En als hij zonden heeft gedaan, zal hem vergiffenis geschonken worden. 16 Belijdt daarom elkander uw zonden en bidt voor elkander, opdat gij genezing ontvangt. De Nieuwe Bijbelvertaling: 14 Laat iemand die ziek is de oudsten van de gemeente bij zich roepen; laten ze voor hem bidden en hem met olie zalven in de naam van de Heer. 15 Het gelovige gebed zal de zieke redden, en de Heer zal hem laten opstaan. Wanneer hij gezondigd heeft, zal het hem vergeven worden. 16 Beken elkaar uw zonden en bid voor elkaar, dan zult u genezen. Wanneer de bedoeling van de diverse woorden en begrippen duidelijk wordt zal ons dat helpen om dit Bijbelgedeelte beter te begrijpen. 2.3.2. De oudsten van de gemeente Algemeen wordt aangenomen dat de brief van Jakobus, gericht aan de 12 stammen in de verstrooiing, ongeveer in het jaar 44 is geschreven, dus nog vóór het apostelconvent in 49 (Hand. 15). Het is daarmee de eerste apostolische brief en ouder dan de brieven van Paulus. Om verschillende redenen meent Dr. J van Bruggen met anderen dat bij de `oudsten' gedacht moet worden aan de oudsten en andere voormannen van de `moeder'kerk van Jeruzalem. Die hadden Jezus op aarde meegemaakt en daarom bijzonder gezag en bijzondere gaven ontvangen. Van Bruggen denkt daarom dat de opdracht in Jakobus 5 eenmalig was, alleen voor die tijd, en dus geen blijvende opdracht is voor alle gemeenten daarna. Dr. M.J. Paul brengt tegen de mening van Van Bruggen 13 argumenten in en komt tot de conclusie dat sprake is van een voor alle tijden geformuleerde oproep. Volgens deze overtuigende argumenten zijn de `oudsten' gewoon ouderlingen van de plaatselijk gemeente. Niets wijst er verder op dat zij de bijzondere gave van genezing hebben. Die komt trouwens ook niet voor in de `eisen' die in de bijbel aan het ouderlingschap gesteld worden. Wel is duidelijk dat in Jakobus 5:14 de zieke verwezen wordt naar de eigen ambtsdragers van de eigen gemeente.

6

8

Het gebed om genezing dient plaats te vinden binnen de eigen plaatselijke gemeente. Betekent dat ook niet dat er binnen de gemeente of de wijken meer dan nu, grotere openheid zou moeten zijn over onze blijdschap, noden en moeiten, zodat er meer en intensiever met en voor elkaar kan worden gebeden? "Want het gebed van een rechtvaardige is krachtig en mist zijn uitwerking niet" (vers 16). 2.3.3. Betekenis van enige woorden (zie onder 2.3.1., geciteerd wordt uit de NBV). Drs. M.W. Sebens, docente aan de TU Kampen heeft de oorspronkelijke Griekse woorden van alle kernwoorden in de tekst onderzocht en deze vergeleken met alle andere Bijbelteksten waar deze woorden ook in voorkomen. Hierdoor komt zij samengevat tot de volgende keuze van de betekenis van die woorden in Jakobus 5. Ziek zijn (vers 14 en 15) In het Grieks wordt in vers 14 voor `ziek zijn' het woord `asthenein' gebruikt. Dit kan worden vertaald door `zwak zijn' (in het geloof) en door `ziek zijn'. Maar in vers 14 heeft 9 de sterke vorm (ziek zijn) de voorkeur. Temeer omdat in vers 15 voor `ziek zijn' in het Grieks een ander woord wordt gebruikt, namelijk `kamnein'. Dit werkwoord komt in het NT slechts één keer voor in de betekenis van `ziek zijn' en tweemaal in de betekenis 10 van `bezwijken'. Redden (vers15) en genezen vers 16) In vers 15 staat voor `redden' in het Grieks `sooizein'. In het NT wordt dit woord vooral gebruikt in de betekenis van `redden' of `behouden'. Alleen de NBG 1951 vertaalt het woord in vers 15 met `gezond maken'; de andere vertalingen spreken over `behouden' of `redden'. In onder meer Matt. 9:21,22 en Marcus 6:56 worden in één situatie zowel 11 `redden' als `genezen' gebruikt. Beide vertalingen sluiten elkaar niet uit. In vers 16 staat in het Grieks een ander woord voor `genezen', namelijk `iasthai'. Deze medische 12 term wordt in het NT voor (lichamelijk) genezen gebruikt. Gezien de samenhang tussen de verzen 15 en 16 zal in beide verzen `genezen' bedoeld zijn. Ook al om die reden is het niet aannemelijk dat met de `zieke' in vers 14 (alleen) een `zwakke'(in het geloof) bedoeld wordt. Laten opstaan (vers 15) Hiervoor wordt in het Grieks `egeirein' gebruikt, wat `wekken', `wakker maken' (uit de 13 dood), `doen opstaan' en `gaan staan' kan betekenen. Met olie zalven in de naam van de Heer (vers 14) In het NT werd olie nagenoeg alleen gebruikt voor uitwendig gebruik en niet zozeer als geneesmiddel. In vers 14 wordt voor `zalven' in het Grieks niet het woord `chriein' (denk aan Christus=Gezalfde) gebruikt, dat in het O.T. en N.T. gebruikt wordt voor zalven van een persoon of voorwerp om die aan God te wijden. Hier staat in het Grieks `aleiphein', wat ook zalven en insmeren betekent, maar in heel andere situaties, vooral als verzorging van het lichaam (wassen, geurstof). Ook het behandelen van wonden met 14 olie en het balsemen van doden kan ermee bedoeld zijn. Ouderlingen doen al hun werk in naam van en met de autoriteit van de Heer. Dat geldt ook deze voorbede en de zalving. Het betekent ook dat de vergeving na schuldbelijdenis en de genezing slechts 15 kunnen plaatsvinden op grond van het offer op Golgotha. Door de zalving wordt de

7

patiënt aan God opgedragen in de verwachting dat Hij door zijn Geest helend zal werken. `zult u genezen' in vers 16 (NBV) versus `opdat' (andere vertalingen) In vers 16 wordt over een concrete ziekte gesproken. Er staat in de NBV "... bid voor elkaar, dan zult u genezen....". De NBG 1951 (evenals andere vertalingen) vertaalt hier terecht met "Bidt voor elkander, opdat gij genezing ontvangt'. In het Grieks staat hier het woord `hopoos' dat het best vertaald kan worden met `opdat' of `dat'. `Opdat' geeft een doel aan. In vers 16 staat dat we voor elkaar moeten bidden om genezing, want Hij is dé Geneesheer! 16 Maar het blijft open of de zieke inderdaad genezing krijgt; de uitkomst is aan God! 2.4. Samenvatting Alle ziekte in de wereld is het gevolg van de zondeval. In het OT wordt ziekte vaak genoemd als een straf van God op de afval van zijn volk. Ziekte komt in de bijbel soms voor als het gevolg van persoonlijke zonden, maar lang niet altijd is die verbinding er. Gezondheid is niet het hóógste goed, zoals we nogal eens zeggen. Daarboven uit stijgt dat we, dank zij het werk van Christus, de Grote Heelmeester, onvoorwaardelijk Vaders kinderen mogen zijn. Genezing komt van God. Hij beschikt er over en Hij weet wat goed voor ons is. We mogen Hem gelovig, aanhoudend en verwachtingsvol om genezing bidden. Persoonlijk, maar ook als gemeente. De voorbede voor zieken mag en moet ook opklinken in de samenkomsten van (groepen in) de gemeente. Elke genezing is een wonder van God. Of dat nu gebeurt met de hulp van geneesmiddelen en artsen of op andere wijze. Iedereen kent wel voorbeelden van `bijzondere' genezingen, ook binnen onze gemeente. Genezingen op gebed! Daarvoor zullen we dan ook (persoonlijk en als gemeente) Hem danken. En als Hij in zijn wijsheid geen genezing geeft dan zullen we ook dat aanvaarden uit Vaders handen en Hem bidden de zieke de kracht te geven dat te dragen. Alle gaven van de Geest moeten dienen tot opbouw van de gemeente (zie 1 Kor. 12-14). Parallel daaraan geeft Jakobus de voorbede voor genezing een plaats binnen de (eigen) gemeente.

8

3.

Historisch overzicht

3.1. Genezingswonderen in de vroeg-christelijke kerk In de vroeg-christelijke kerk is tot in de vijfde eeuw op veel plaatsen een toename van genezingswonderen te zien: in Rome, Carthago, Alexandrië, Frankrijk, Constantinopel. Alle belangrijke theologen spreken over deze zaak en komen met concrete voorbeelden. Ook Augustinus komt, aan het einde van zijn leven en onder de druk van de feiten, tot een verandering van inzicht. Hij trekt de conclusie dat God in zijn tijd ook geneest. De gave van genezing en handoplegging wordt gezien als een onderdeel van het christelijke geloof. De mening dat wonderen alleen bij de tijd van de apostelen horen is niet staande te houden. De feiten spreken deze zienswijze tegen. Zelfs als een deel van de legendarische verhalen niet juist is, dan blijft er toch nog een overweldigend getuigenis van allerlei genezingswonderen. Na de eerste vijf eeuwen nemen de genezingswonderen af. De christelijke gemeente wordt staatskerk, waardoor een conventioneel, wereldgelijkvormig christendom ontstaat. Officiële theologie wordt belangrijker dan een heilig leven. Het wereldbeeld wordt rationeler en meer gesloten, met weinig ruimte voor ervaring en goddelijke genezing. (invloed van het neoplatonisme, Aristoteles) Er vindt een verschuiving plaats van het ambt van alle gelovigen naar het ambt van priester. De betrokkenheid bij de gemeenschap neemt af en het besef dat elk gemeentelid tot de heiligen hoort, verdwijnt. Er is angst voor hoogmoed: door het bezit en het gebruik van geestelijke gaven zou men de nederigheid kunnen verliezen. Tegelijk zien we bijgeloof en misbruik, in de vorm van vertrouwen op relikwieën van heiligen, vanaf de vierde eeuw wijdverbreid toenemen. De Bijbelse hoofdweg: de gave van de Geest, het gebed onder handoplegging samen met het zalven van de zieken met olie en de gebeden, wordt verlaten voor de zijweg van het geloof in relikwieën en voorbede van heiligen. In het kerkelijke leven heerst de overtuiging dat de gaven van genezing alleen voor vroeger waren; de Bijbelse verhalen over genezing worden vergeestelijkt. Het volksgeloof neemt toe en de kritische wetenschap wijst ook genezingswonderen af. 3.2 Ziekenzalving gedurende 20 eeuwen. De eeuwen door wordt zalving steeds gezien als een symbool van Gods handelen, de werking van Zijn Geest. De zalfolie wordt niet gezien als een geneesmiddel. Ook wordt de latere geneeskunde niet beschouwd als een vervanging van een vroeger "primitief" middel: steeds staat Gods genadige werking centraal! In de 12 eeuw komt er een verandering: de zalving wordt een sacrament voor de stervenden in plaats van een middel tot herstel. De voorbereiding op de dood verdringt de verwachting van genezing. Het sacrament van het laatste oliesel ontstaat. De reformatoren Luther en Calvijn verzetten zich ­ terecht - hiertegen. Om de corrupte praktijk van bedevaartoorden, relikwieën en voorbede van heiligen te bestrijden hebben

9

e

ze ook de zalving radicaal afgeschaft. Zij zijn Augustinus niet gevolgd in de overtuiging dat genezingswonderen kunnen voorkomen. Daardoor is deze gave van de Geest in de marge van de theologie terechtgekomen. Luther wijst op de noodzaak van berusting in ziekte; men moet zich er niet tegen verzetten. Bovendien ontkent hij dat de zalving een sacrament is, omdat het niet door God is ingesteld. Calvijn erkent wel dat de zalving een sacrament is geweest, maar voor nu geldt dat niet meer. In de Oosters-orthodoxe kerken is de praktijk van de ziekenzalving steeds voortgezet. Bij de Anglicaanse kerk, die eerst afwijzend tegenover ziekenzalving stond, heeft het nu een geïntegreerde plaats gekregen. Recent zijn er ontwikkelingen waar te nemen in de Rooms-katholieke kerk en de Protestantse kerk, waarbij de ziekenzalving steeds vaker een plaats krijgt. In evangelische kringen en bij de Pinksterbeweging is ziekenzalving vaak een onderdeel van de eredienst. 3.3 Samenvatting 17 Paul trekt de conclusie : "Wie de geschiedenis overziet bemerkt dat de ziekenzalving, zoals deze in Marcus 6 en Jakobus 5 genoemd worden, de eeuwen door in praktijk zijn gebracht." De reformatoren hebben zich verzet tegen ziekenzalving, uit protest tegen de uitwassen van ziekenzalving als heilig (laatste) oliesel. Een exegetische fundering voor die afwijzing vanuit de brief van Jakobus ontbreekt.

10

4. Ziekte en genezing in onze tijd

18

4.1 Gezondheid is het hoogste goed Onze cultuur wordt in hoge mate bepaald door de moderne wetenschap en techniek. We bekijken allemaal graag de berichten in de media over nieuwe doorbraken in de strijd tegen ziekten. En we dragen graag ons financiële steentje bij als het gaat om onderzoek en nieuwe behandelmethodes voor allerlei ziektes en aandoeningen. De huidige maatschappij leert ons: gezondheid is het hoogste goed. En wij, moderne christenen, zo is de gangbare overtuiging, mogen binnen bepaalde ethische grenzen met een gerust hart gebruik maken van de medische wetenschap. We mogen er ook vanuit gaan dat deze kennis gegeven is door God en dat we dankbaar en blij mogen zijn als God ons gebed verhoort en de inspanningen van artsen wil zegenen. Maar is God gebonden aan deze medici? Of kan en wil Hij ons ook via andere wegen genezen? Wegen die misschien wel volledig buiten de hele medische wereld omgaan? Juist om Zijn macht, grootheid, genade en soevereiniteit te tonen? 4.2 Ziekenzalving Met de dokter en de medische wetenschap zijn we vertrouwd. Ons denkpatroon is vaak zo westers dat we meer raad weten met genezingen via de gewone gezondheidszorg dan via de weg die Jacobus 5 aanwijst: de `ziekenzalving'. In toenemende mate gaan christenen ontdekken dat er meer in hun Bijbel staat dan in de eigen kerk en gemeente in praktijk wordt gebracht. Steeds meer gemeenten komen tot de conclusie dat misbruik van `ziekenzalving' in vroeger tijden, geen verhindering mag zijn om tot goed gebruik te komen. Gebed en voorbede voor een zieke zijn ons erg vertrouwd. Maar voor `ziekenzalving' zijn we huiverig. Waarom zouden we gebed en ziekenzalving toepassen? Is het gebed alleen niet voldoende? Wat voegt het toe? Het belangrijkste is dat `ziekenzalving' bijbels is. In Jacobus 5 klinkt daarvoor in duidelijke woorden een apostolische aanmoediging. Bovendien zijn er in de Bijbel voorbeelden van terug te vinden. Zie hoofdstuk 2 van dit rapport: Wat zegt de bijbel over ziekenzalving? De oudtestamentische eredienst bevatte veel zichtbare rituelen. En de profeten maakten volop gebruik van symbolische handelingen. (bv 1 Kon.11: 30 en 31, Jeremia 13, Ezechiël 4) In het N.T. gebruikt de Here Jezus beelden als: brood, water, licht, enz. om duidelijk te maken wie Hij is. Het slot van Marcus: "Doch zij gingen heen en predikten overal, terwijl de Here meewerkte en het woord bevestigde door de tekenen, die erop volgden". De symbolen (denk ook aan doop en avondmaal) onderstrepen dus het Woord. 4.3 Zonde en ziekte De vragen van zonde, schuld en vergeving komen in de gewone medische praktijk niet aan de orde. En dat is juist het kader waarin ziekte in de Bijbel steeds weer vermeld

11

wordt. Bij `ziekenzalving' komen deze juist in de eerste plaats aan de orde. Soms wordt de ziekte of aandoening niet weggenomen maar wordt door de zieke na de zalving wel een diepe rust en vrede met God en een versterking van het geloof ervaren. Bij de acceptatie van de reguliere geneeskunde en de afwijzing van tal van Bijbelse elementen over de omgang met ziekte, is het niet verwonderlijk dat de kerk zich concentreert op het gebed en op pastoraal begeleiden van de zieke. Het belang van genade en vergeving staat centraal, maar we moeten goed beseffen dat we niet één keer van de apostelen lezen dat ze op deze wijze ziekenbezoek deden. Wat zij dan wel deden moet ons tot bezinning brengen. In feite blijkt hieruit ook het moderne levensbesef. In Israël werd zonde en ziekte met elkaar in verband gebracht. De priester hield zich met beide zaken bezig. In de loop der tijd is de geestelijke stand zich bezig gaan houden met de ziel en de artsen met het lichaam. Deze taakverdeling is in vele kerken zo gewoon geworden dat er ook daarom geen behoefte aan handoplegging of ziekenzalving meer was. Christelijk Nederland gaat zeer uiteenlopend met deze materie om. Er is een groep mensen die zich verre houdt van ziekenzalving: een mens behoort te berusten in wat God de mens toeschikt. Anderen zeggen juist dat al het kwade wat ons overkomt van de duivel is. Dat God dit ook niet wil en dat Hij ons zeker zal genezen als wij maar genoeg geloof en verwachting hebben. Met alle (soms kwalijke) gevolgen van dien. Weer anderen leggen de nadruk op genezing in de zin van heling: dat datgene wat je overkomt je dichter bij Christus brengen mag, ook als dat betekent dat je niet beter wordt. In de praktijk zijn er vele mengvormen. Gelukkig zijn er voorbeelden te noemen van diepgelovig omgaan met ziekte en leed. Voorbeelden van gebed vol verwachting dat God alles laat meewerken ten goede. En voorbeelden van overgave met groot vertrouwen in Gods hand, dat er zelfs door de dood heen verlossing is. 4.4 Samenvatting We mogen gebruik maken van de gewone geneeskunde. Maar juist omdat daar vaak het geestelijk kader ontbreekt, is het voor christenen van het grootste belang zich te verdiepen in de Bijbelse opdracht tot het gebed om genezing. Wanneer `ziekenzalving' en handoplegging ter genezing in praktijk gebracht worden, kan dat bijdragen aan het herstel van zieken maar ook aan het herstel van het denken binnen de gemeente over Gods hand bij ziekte en genezing. Met het openen van de mogelijkheid van `ziekenzalving' binnen de gemeente belijden we, dat God kracht en bijstand aan de zieke wil geven en dat deze zijn leven in handen van God legt. Zijn wil is wijs en heilig!

12

5. Conclusies en aanbeveling

5.1 Conclusies Allereerst stellen wij dat de kerk een taak heeft in de omgang met de zieke mens. We kennen het gebruik van voorbede, huisbezoek waarin het gebed een plaats heeft, pastorale begeleiding en praktische ondersteuning van de zieke. Op grond van Bijbelstudie en bestudering van diverse bronnen (zie Verantwoording, pagina 4) is de studiegroep ziekenzalving tot de conclusie gekomen dat voor `ziekenzalving' naar Jacobus 5 ruimte dient te in de gemeente van Christus. Iemand die ernstig lichamelijk, psychisch of geestelijk ziek is, mag de predikant en of de ouderlingen van de gemeente bij zich thuis roepen om voor hem of haar te bidden. In het gebed - en daarop ligt de nadruk in Jakobus 5 - zal dan alle nood concreet voor de troon van de genade gebracht worden. Als er zonden beleden worden mag de vergeving verkondigd worden. Na het gebed mogen ambtsdragers de zieke namens de Grote Geneesheer zalven, als teken dat hij / zij aan God wordt opgedragen in de verwachting dat Hij door zijn Geest helend zal werken. Wij bestrijden de opvatting dat God geen ziekte wil en dat de zieke op het gelovig gebed altijd door Hem genezen wordt. Tegelijk sluiten we genezing niet uit. Alleen Vader weet wat goed is voor zijn kind. Het allerbelangrijkste is: er is vergeving, redding en zekerheid van de opstanding op de jongste dag. Uitzicht op de nieuwe aarde waar geen zonden en de gevolgen daarvan zullen zijn. Waar geen ziekte meer zal zijn en waar alle tranen afgewist zullen worden. Waar God bij zijn volk zal wonen, als in het paradijs..... 5.2 Aanbeveling De studiegroep ziekenzalving beveelt de kerkenraad aan te besluiten dat `ziekenzalving' binnen de gemeente mogelijk is. In dit rapport levert de studiegroep een voorstel aan voor de praktijk van gebed en zalving. In het Plan van Aanpak (hoofdstuk 7) is een stappenplan opgenomen om ziekenzalving in de gemeente aan de orde te stellen.

13

6.

Ziekenzalving in de praktijk

6.1 Inleiding De Gereformeerde Kerken vrijgemaakt kennen geen liturgie voor `ziekenzalving'. Toch is `ziekenzalving' in een aantal gemeenten (weer) in gebruik geraakt. De studiegroep heeft contact gezocht met twee kerken die ervaring hebben met ziekenzalving, t.w. Rotterdam Stad en Haarlem. Het contact met m.n. de laatste gemeente is vruchtbaar geweest. Ds. Jos Douma, predikant in Haarlem, heeft recent in zijn gemeente ziekenzalving toegepast. Daarnaast hebben we dankbaar gebruik gemaakt van het werkboekje "Ziekenzalving", een uitgave van het Boekencentrum. 6.2 Onderzoek Naar Jacobus 5 kan een broeder of zuster die met ziekte te maken krijgt, aan de kerkenraad om gebed en zalving vragen. Voorafgaand aan de zalving vindt een gesprek plaats met betreffende broeder/zuster om helder te krijgen welke (geloofs-) verwachtingen er leven, welke motieven er zijn en of schuldbelijdenis nodig is. Welke betekenis hecht de zieke aan de zalving, wat is de voorgeschiedenis? (medische behandeling, alternatieve geneeswijze, gebedsgenezing, enz.) Ook dienen de predikant en/of de ouderlingen zich de vraag te stellen wat zij zelf verwachten van de zalving en gebed. Er wordt van hen geloof gevraagd! Belangrijk blijft de pastorale begeleiding van de zieke, voor, tijdens en na zalving en gebed. 6.3 Orde van dienst Naar Jacobus 5 vindt de `ziekenzalving' thuis, bij het zieke gemeentelid plaats. De vraag om `ziekenzalving' wordt in de gemeente bekend gemaakt. In de gemeente wordt vooraf, of tegelijkertijd voorbede gedaan voor het gemeentelid dat `ziekenzalving' ontvangt. Er bestaan verschillende mogelijkheden voor de liturgie van het samenzijn. Ter illustratie nemen wij de liturgie, zoals door ds. Jos Douma is vastgesteld over. Zie de bijlage: `Gebed en zalving voor zieken', Een handreiking voor de praktijk, van Jos Douma.

14

7. Plan van aanpak

We zijn als Gereformeerde Kerken vrijgemaakt niet vertrouwd met het gebruik van `ziekenzalving'. Om dit gebruik in onze gemeente een plaats te laten krijgen is een zorgvuldige aanpak van belang. We stellen de volgende stappen voor: Stap 1 De kerkenraad bestudeert en bespreekt het rapport van de studiegroep. Mocht de kerkenraad na bestudering van de materie tot de conclusie komen dat `ziekenzalving' een rechtmatige plek mag hebben in de gemeente, dan besluit hij de mogelijkheid daartoe te openen. Stap 2 Aan de gemeente wordt bekendgemaakt dat de studiegroep een positief advies heeft gegeven met betrekking tot de `ziekenzalving'. De kerkenraad heeft, na grondige studie, besloten het voorstel over te nemen. Stap 3 Het rapport Gebed en Zalving wordt aan de gemeenteleden uitgereikt, met een aanbeveling het onderwerp gebed en zalving te bespreken op de Bijbelstudiegroepen, verenigingen en in de wijken. Stap 4 De werkwijze rondom `ziekenzalving' wordt vastgelegd; er wordt een orde voor het samenzijn opgesteld. Stap 5 In de gemeentegids van de Immanuëlkerk wordt de tekst opgenomen dat ziekenzalving aangevraagd kan worden.

15

Voetnoten

1. Voor dit hoofdstuk is, naast andere bronnen, vooral gebruik gemaakt van `Vergeving en genezing', dr. M.J. Paul l, met name van hoofdstuk 6: `De ziekenzalving in het Nieuwe Testament' en van `Ziekenzalving en vergeving' door drs. M.W. Sebens. 2. Zie dr. M.J. Paul " Vergeving en genezing" hoofdstuk II, pag. 24 ­ 30. 3. Idem pag. 30 ­ 41, alsmede ds. J. van Benthem en ds. K. de Vries "Meer dan genoeg", hoofdstuk 7. 4. Zie de preek over ziekenzalving van ds. J.B. de Rijke van 04-01-04. 5. Zie dr. M.J. Paul "Vergeving en genezing" pag. 91 ­ 93. 6. Zie drs. M.W. Sebens, "Ziekenzalving en vergeving", pag. 19 en dr. L. Floor "Jakobus, brief van een broeder", pag. 149 ­ 161. 7. Zie ds. P. Lok, "Als iemand bij u ziek is", pag. 52, 53, drs. M.W. Sebens, "Ziekenzalving en vergeving", pag. 3. 8. Zie dr. M.J. Paul "Vergeving en genezing", hoofdstuk 6, pag. 95 ­ 100. 9. Zie drs. M.W. Sebens, "Ziekenzalving en vergeving", pag. 5, 6. 10. Idem, pag. 9, 53. 11. Idem, pag. 7, 8, 44 ­ 52. 12. Idem, pag. 10, 11, 66 ­ 69. 13. Idem, pag. 9, 54 ­ 65. 14. Idem, pag. 6, 7, 21 ­ 26, 37 ­ 43. 15. Zie dr. M.J. Paul "Vergeving en genezing" pag. 103. 16. Zie drs. M.W. Sebens, "Ziekenzalving en vergeving", pag. 15. 17. Zie Dr. M.J. Paul "Vergeving en genezing", hoofdstuk V pag. 89.. 18. Voor dit hoofdstuk is vooral gebruik gemaakt van Vergeving en genezing', dr. M.J. Paul, met name van hoofdstuk 1, 8 en 10. 19. Kraan, 1974, 332, citaat uit Dr. M.J. Paul "Vergeving en genezing", hoofdstuk 9, pag. 156.

16

Information

Microsoft Word - rapport-aan-kr.doc

16 pages

Report File (DMCA)

Our content is added by our users. We aim to remove reported files within 1 working day. Please use this link to notify us:

Report this file as copyright or inappropriate

829333


Notice: fwrite(): send of 206 bytes failed with errno=104 Connection reset by peer in /home/readbag.com/web/sphinxapi.php on line 531